Regels en wetgeving

De energiemarkt is een erg belangrijk component van de Nederlandse economie. Met een jaarlijkse omzet van ongeveer veertig miljard euro is de energiemarkt verantwoordelijk voor zeven procent van het bruto binnenlands product. Regels en wetten vanuit zowel de Nederlandse overheid als de Europese Unie leiden de energiemarkt in goede banen. De huidige elektriciteitswet dateert van 1998 en beschrijft onder andere hoe elektriciteit gewonnen, opgeslagen en vervoerd mag worden. De gaswet, ook in 1998 opgesteld, doet dit voor de binnenlandse gaswinst en -handel.

Energiekamer

De energiemarkt is vanaf 1998 in stappen geliberaliseerd en privatiseert. Sinds 2004 is de markt volledig geliberaliseerd. Omdat elektriciteit en in mindere mate gas een essentiële rol speelt in het dagelijks leven, moeten energiebedrijven aan strikte eisen voldoen. De Energiekamer is een onderdeel van Nederlandse mededingingsautoriteit die toeziet op de naleving van de elektriciteits- en gaswet. Daarnaast geeft de Energiekamer vergunningen af voor de levering van elektriciteit en gas.

De Energiekamer zet zich onder andere in voor de bescherming van consumenten en voorkomt machtsmisbruik door grote energiebedrijven. Elektriciteit en gas moet voor alle lagen van de bevolking betaalbaar zijn.

Energiebeleid Nederlandse overheid
De Nederlandse overheid wil duurzame energieopwekking een prominentere rol geven. Een groter aandeel van groene energie is niet alleen goed voor het klimaat, maar kan ook leiden tot economische groei. Daarnaast wordt Nederland door overgang naar meer duurzame energiebronnen minder afhankelijk van andere landen in de energievoorziening. De Nederlandse overheid wil in 2020 minimaal veertien procent van de totale energieopwekking uit duurzame bronnen halen. In 2050 moet het land volledig over zijn gestapt op duurzame energiebronnen.

De opwekking van duurzame energie is over het algemeen duurder dan de opwekking van energie uit fossiele brandstoffen (ook wel grijze stroom genoemd). Om deze reden is duurzame energie voor de grote energiebedrijven niet aantrekkelijk. Om toch een overgang naar duurzame energie te bewerkstelligen, heeft de overheid tal van kortingen, subsidies en regelingen opgesteld. Deze maatregelen richten zich vooral op het bedrijfsleven, maar hebben ook gevolgen voor de consument. Dankzij verschillende regelingen is groene stroom in de regel niet duurder voor de consument dan grijze stroom.

Regelingen en subsidies overheid
De overgang naar een duurzame energiemarkt is langzaam. Met name bij nieuwe grote projecten wil de overheid winst boeken. Op 6 september 2013 werd het nieuwe Energieakkoord getekend. Dankzij dit akkoord wordt er de komende jaren ongeveer één miljard euro vrijgemaakt om in tal van sectoren energie te besparen. Maar liefst vierhonderd miljoen euro wordt beschikbaar gesteld aan projecten van woningcorporaties om nieuwe woningen duurzaam te maken.

Ondernemingen die duurzame energie produceren kunnen hiervoor subsidie aanvragen bij de overheid. Eerder konden particulieren subsidie aanvragen voor de aanschaf van zonnepanelen en -boilers. Landelijk is dit niet meer mogelijk, maar sommige gemeenten geven afzonderlijk nog wel dergelijke subsidies af.